Griffelboeken gaan over jongens

GP14_Zilveren-Griffel-2014_200Gisteren is de kinderboekenweek van start gegaan! Dit jaar werden er maar liefst negen Zilveren Griffels uitgereikt, waarvan zeven voor proza en twee voor poëzie. Helaas vertonen de bekroonde boeken een nogal opvallende gelijkenis: de hoofdpersonen zijn jongens. Allemaal. Krijgen meisjes geen stem in het “literaire” boek?

Ter illustratie volgt hieronder een bondige samenvatting van de zes Griffelboeken waarin sprake is van een (niet-wisselende) hoofdpersoon. Wie de boeken al kent nodig ik uit om door te scrollen naar beneden. Het raadsel van alles wat leeft, winnaar van de Gouden Griffel, bespreek ik niet, omdat het een non-fictieboek betreft waarin geen duidelijke hoofdpersoon is aan te wijzen. Desalniettemin verwijst de subtitel naar de stinksokken van Jos Grootjes uit Driel (verrassend genoeg ook een jongen). Ook de dichtbundels Kleine stemmen en Ik zoek een woord laat ik buiten beschouwing, ook omdat hierin geen vaste hoofdpersoon aan te wijzen valt.

Zilveren Griffel 2014: zes boeken, één patriarchale verhaalwereld

Broergeheim, Emiel de Wild (Leopold)9200000010081242
De 11-jarige Joeri schrijft brieven aan zijn oudere broer Stefan. Deze broer is van de ene op de andere dag uit Joeri’s leven verdwenen. Joeri’s ouders doen net of Stefan niet meer bestaat en vertellen Joeri niet wat er aan de hand is. (Bron: M.C. Wijnbergen-van Mill)

 

9200000009942863Garmanns straat, tekst en ill. Stian Hole (Hoogland & Van Klaveren)
In dit vervolg op het bekroonde ‘Garmanns Zomer’ […] is de zomervakantie voorbij en zit de kleine, introverte Garmann al een tijdje op school. Opgestookt door de pestkop van school, gooit Garmann op een kwade dag een brandende lucifer in de tuin van de excentrieke Postzegelman. Uit dit nare incident ontstaat onverwachts een hechte vriendschap tussen de twee buitenbeentjes, die ondanks het leeftijdsverschil grote overeenkomsten met elkaar blijken te hebben. (Bron: F.P. Blauwhoff)

9200000006380048Groter dan een droom, Jef Aerts, ill. Marit Törnqvist (Querido)
Groter dan een droom is een troostrijk verhaal waarin een jongen zijn zusje voor het eerst ontmoet. Samen maken ze een onvergetelijke reis die precies één nacht duurt. (Bron: Querido)

 

Held op sokkenHeld op sokken, Bette Westera, ill. Thé Tjong-Khing (Gottmer)
Roderik is volkomen baardloos en daardoor niet geschikt om samen met de andere ridders – allen mét baard natuurlijk – heldendaden te verrichten en avonturen te beleven. In plaats daarvan moet hij harnassen poetsen, schoonmaken en koken. (Bron: S.E. van Zonneveld)

9200000015713559Vissen smelten niet, Jef Aerts (Querido)
De vader van Matti (12) is depressief en ligt alleen nog maar zwijgend op de bank. Het geld raakt daarom snel op en besloten wordt dat Matti’s neef Jarno (18), die nu in huis een handje helpt, bij hen zal intrekken. Daarom moeten alle kostbare Siamese kempvissen, die vader als hobby in weckpotten in de bijkeuken had verzameld, worden verkocht. (Bron: Silvester van der Pol)

aasamenopstapWij samen op stap, Jean Reidy, ill. Leo Timmers (Querido)
In ‘Wij samen op stap’ wordt Konijntje al wakker op het schutblad en nog voor het boek goed en wel begonnen is, wekt hij zijn moeder al om samen de stad in te gaan. Want wat valt daar ’s morgens veel te beleven! Op iedere pagina word je verder de ochtendlijke wervelwind mee in getrokken: de winkels gaan open, koffiebarretjes zitten vol en op het schoolplein wordt er al touwtje gesprongen. (Bron: Barbara Rottiers)

Waar zijn de meisjes gebleven?
Het valt moeilijk te ontkennen dat jongens en mannen de hoofdrol spelen in bovenstaande boeken. De verhalen worden veelal vanuit het perspectief van een jongen verteld, relaties en interacties tussen jongens en mannen staan vaak centraal. Zo staat in Broergeheim (Emiel de Wild) de relatie tussen twee broers centraal. Garman uit Garmanns straat sluit vriendschap met de excentrieke postzegel…man. Vissen smelten niet gaat over een jongen, zijn depressieve vader, zijn neef en een (mannelijke…) vis. Matti maakt een barre tocht over het ijs om zijn vaders favoriete vis te redden van zijn neef, die de vis wil laten meedoen aan een vissengevecht. Hij komt onderweg wel een meisje tegen, en hij heeft ook een moeder, maar het middelpunt van het verhaal zijn toch de gespannen verhoudingen tussen jongen, vader en neef.

Held op sokken gaat over een ridder die de traditionele vrouwenrol moet vervullen (hij poetst, hij stopt sokken, hij kookt) omdat hij geen baard heeft. Jonkvrouwen zijn niet in hem geïnteresseerd totdat één jonkvrouw zijn heerlijke drakenballen proeft. (Ik maak geen grapje!). Ze kiest voor deze “nieuwe man” en de stoere baarden raken uit de mode. Het boek vertoont dus wel feministische trekjes (ik durf nog geen uitspraken te doen zonder uitgebreidere analyse). Toch is het ook het zoveelste boek over een man die anders is tussen een schare (bekroonde) boeken waarin jongens en mannen centraal staan.

Wij samen op stap gaat over een klein konijn dat op stap gaat met zijn (haar?) moeder. Uit de tekst word het niet geheel duidelijk of het konijntje een jongen of een meisje is, maar lezers lijken het overwegend als jongen te bestempelen (zie bijvoorbeeld hier: link) en dat is begrijpelijk. Het konijntje draagt immers blauwe kleren en de vrouwelijke personages worden op de prenten stereotypisch “vrouwelijk” aangezet. Moeder konijn loopt op naaldhakken achter de kinderwagen, mevrouw giraf draagt een roze mantelpak met hakken.
Deze stereotypische verbeelding van vrouwelijke personages zorgt ervoor dat de lezer ieder personage zonder vrouwelijke accessoires zal interpreteren als mannelijk. In onze samenleving wordt de man als de norm gesteld, de vrouw als de ander (Google: androcentrisme). Zelfs kleine kinderen kunnen feiloos het verschil zien tussen de mannen-wc (menselijk poppetje) en de vrouwen-wc (poppetje met jurkje aan). Wanneer een personage vrouwelijk is wordt dit – zeker in dierenverhalen – dus vaak duidelijk aangegeven met strikjes, jurkjes en hakjes.
Wanneer wij het boek met deze kennis in ons achterhoofd bekijken valt nog iets op: de meeste personages zijn mannelijk én de mannen voeren veel vaker een beroep uit dan de vrouwen. Er is een mannelijke visboer, een mannelijke postbeambte, mannelijke brandweerlieden, een mannelijke tuinman. De vrouwen lopen met tasjes op straat, bakken thuis worstjes en duwen kinderwagens voort. Bepaald geen moderne dan wel accurate representatie van onze samenleving. Nogal vreemd anno 2014.

Dan is er nog Groter dan een droom. In dit boek staat de overleden zus van de hoofdpersoon centraal, zij is de drijfveer van het verhaal. De hoofdpersoon is echter haar broertje en het boek gaat over het gemis dat hij ervaart, het effect dat dit heeft op hem en zijn gezin. Het verhaal had ook verteld kunnen worden vanuit de zus, en hoe zij het ervaart om geen tastbaar onderdeel meer te vormen van het gezin. Natuurlijk was het dan een heel ander boek geweest, maar het is jammer dat ook dit boek weer het mannelijk perspectief kiest en het vrouwelijke personage als bijpersoon neerzet.

Er is an sich niets mis met mannelijke hoofdpersonen. Het probleem is dat jongens in kinderboekenland vrijwel altijd de hoofdrol spelen. De mannelijke blik is de norm en dit gegeven wordt bevestigd door literaire prijzen. Soms hebben ze een zus, een moeder, een vriendin. Maar het verhaal wordt altijd door hun ogen verteld. Waarom? Is de jongensblik literairder dan de meisjesblik?

Zij lezen meer. Toch gaan de boeken over hém.

Zij lezen meer. Toch gaan de boeken over hém.

Ja, waarom?
Waarom heeft het overgrote deel van de kinderboeken nog altijd een jongen als hoofdpersoon? En waarom worden juist deze boeken als “literair” bestempeld en bekroond? Wordt aan boeken over jongens een hogere “literaire waarde” toegekend dan aan boeken over meisjes? Denkt men wellicht dat de gedachten van jongens poëtischer zijn dan de gedachten van meisjes? En wie is deze “men”? De Griffeljury? Schrijvers? Uitgeverijen? Heel het literaire systeem? En is het wel oké dat er geen vraagtekens worden gezet bij dit androcentrisme?

Deze hele blog kan worden verworpen onder het mom van “de boeken zijn nu eenmaal beoordeeld op literaire kwaliteit, niet op de representatie van onze samenleving dan wel andere pedagogische beoordelingscriteria”. Maar wat is “literaire kwaliteit”? En waarom wordt “literaire kwaliteit” dan alleen gevonden bij boeken over jongens?

De Griffeljury heeft dit jaar (uitgezonderd poëzie en non-fictie) negen boeken met Vlag en Wimpel bekroond. Hiervan hebben er drie een vrouwelijke hoofdpersoon, nog steeds opvallend weinig (ook hier gaan veel boeken over relaties tussen jongens en mannen – Vlieg! (Marco Kunst), Jonge vlieger (Ellen van Velzen), Sammie en opa (Enne Koens) ).
Is de “literaire kwaliteit” die boeken met een vrouwelijke hoofdpersoon van de Zilveren Griffelboeken onderscheidt tekstueel gezien wel hard te maken, of hebben literaire jury’s een androcentrische visie op “literaire kwaliteit”? M.a.w.: wordt een boek met een mannelijke voice en/of mannelijke personages en/of relaties tussen mannen onderling (al dan niet bewust) eerder als “literair” bestempeld? Een fenomeen dat ook in het canon van de volwassen literatuur zichtbaar is, om nog maar niet te beginnen over vertegenwoordiging van vrouwelijke auteurs bij literaire prijzen (zie ook: Waarom winnen vrouwen zoveel minder literaire prijzen dan mannen? – Sanne van Oosten)

Of komt het probleem ergens anders vandaan? Kiezen schrijvers wellicht liever voor een mannelijke hoofdpersoon in hun boeken en zijn er daarom weinig kinderboeken met meisjes in de hoofdrol – dus ook weinig bekroonde boeken met meisjes in de hoofdrol? En zo ja, waarom dan? Omdat het makkelijker is de norm te handhaven? Iedereen schrijft over jongetjes, dus ik ook. Omdat ze denken dat jongetjes avontuurlijker zijn? Spannender? Slimmer? (Ik mag toch hopen van niet).
Of wellicht zijn schrijvers bang dat een boek met een meisje als hoofdpersoon meteen zal worden weggezet als een meisjesboek? Als triviaal – niet literair. Denk Thea Stilton, Dagboek van een muts. Of de door de kinder & jeugdjury’s geprezen Hoe overleef ik – serie van Francine Oomen. Dragen uitgeverijen hier ook aan bij, o.a. door de vormgeving en marketing?

Het is niet mijn doel om in deze blog een antwoord te formuleren op zoveel vragen, ook ben ik niet op zoek naar een zondebok. Ik vraag slechts aandacht voor een belangrijk issue, dat slechts zelden als issue wordt aangemerkt. Door enkel kinderboeken waarin jongens de hoofdrol spelen en meisjes aan de zijlijn staan te bekronen, promoten wij als samenleving een androcentrisch wereldbeeld.

Boeken die zijn bekroond met een Gouden of Zilveren Griffel worden vaker verkocht, vaker gelezen – staan vooraan in de boekhandel en bibliotheek. Niet enkel de “literaire kwaliteit” van deze kinderboeken, maar ook de inhoud doet ertoe. Het is algemeen bekend dat Nederlandse meisjes meer boeken lezen dan jongens (link), waarom krijgen zij dan vrijwel nooit de hoofdrol in hun eigen verhaal? Waarom zadelen we meisjes (en jongens!) nog steeds op met een verouderd rollenpatroon, waarin jongens het centrum van de wereld zijn?

Literaire elementen doen ertoe. Literatuur is kunst, het moet verbazen, prikkelen, doen denken, verwonderen, doorspekt zijn van stijlfiguren, vol van open plekken. Dit alles is belangrijk en ondanks het thema van deze blog, dat wellicht anders doet vermoeden, ben ik niet iemand die boeken enkel op pedagogische waarden beoordeelt en vind ik zeker niet dat pedagogische waarden de literaire waarden overstijgen of dat kinderboeken enkel op pedagogische aspecten bekroond moeten worden.

Maar.

De huidige weg is klaarblijkelijk niet de middenweg. Wanneer wij boeken op “literaire waarde” beoordelen en het blijkt dat 100% van de in 2014 met een Zilveren Griffel bekroonde boeken een mannelijke hoofdpersoon heeft en zich afspeelt in een sterk androcentrische verhaalwereld moet er een belletje gaan rinkelen. Hier klopt iets niet. Als u begrijpt wat ik bedoel.

En dan heb ik het nog niet eens over de etnische diversiteit in deze boeken gehad. Wellicht is het tijd voor een Diversiteitsprijs voor het kinderboek?

Advertenties

een reactie

  1. Ik vraag me af of het overschot aan mannelijke hoofdrolspelers ook geldt voor de ‘niet-literaire’ boeken. Want er zijn in Nederland meer kinderboekenschrijfsters dan – schrijvers en de lezers zijn vaker meisjes dan jongens. Overigens hebben veel van mijn boeken meisjes in de hoofdrol in een niet traditionele rol.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: